Over Visie 2030

Wij zijn de woningcorporaties Woonkwartier, AlleeWonen, Stadlander, Woningstichting Woensdrecht, R&B Wonen en RWS Goes. Ons werkgebied bestaat uit West-Brabant, Tholen en de Bevelanden, een gebied dat te maken heeft met vergrijzing en – over enkele jaren – bevolkingskrimp. Dit heeft gevolgen voor het wonen en leven in de regio. Om daarop te antiperen hebben wij de regionale Visie op Wonen en Leven in West-Brabant, Tholen en de Bevelanden 2030 opgesteld. 

Manifest
Wonen met toekomst

Onze Visie op Wonen en Leven is de uitkomst van succesvol samenwerken. Hierin verwoorden wij onze gezamenlijke analyse van de regio West-Brabant, Tholen en de Bevelanden als woon- en leefregio én een realistische aanpak van de problemen die op deze terreinen spelen. Onze samenwerking staat als een huis en heeft resultaat. Maar we zijn er nog niet. Nu is het zaak om het beleid te verbreden en aan te scherpen. Met elkaar, als woningcorporaties, én met de gemeenten in de regio.  
Daarom roepen wij op om samen tot een regionale aanpak te komen. Blijf niet steken in een aanpak per corporatie en gemeente, maar werk samen. Stem het beleid af. Dat biedt veel meer kansen om de uitdagingen met lokaal maatwerk op de regionale woningmarkt aan te gaan.

Het aantal huishoudens zal nog enkele jaren toenemen. Daarna volgt rond 2030 stagnatie en afname van het aantal huishoudens. De regio vergrijst en mensen wonen langer zelfstandig, eventueel met ondersteuning. Daardoor stijgt de vraag naar aanpasbare en gelijkvloerse woningen. Tegelijk zorgt pensionering voor een daling van het besteedbaar inkomen. Een groot deel van deze mensen woont nu in een koopwoning. Zij zullen bij pensionering niet direct gaan verhuizen naar een huurwoning. De woningmarkt kenmerkt zich door een afnemende behoefte aan sociale huurwoningen en een stabilisatie van ‘goedkope scheefheid’. Vooral kleine één- en tweepersoonshuishoudens huren. 
Onze visie is niet in beton gegoten. Nieuwe inzichten en nieuw beleid maken bijsturing noodzakelijk. Zo moeten we bijvoorbeeld meer zicht krijgen op het woningmarktgedrag van babyboomers en op het gedrag van jongeren op de koopmarkt.


1. Bouw aan de toekomst
Een woningmarkt die toekomstbestendig is, is een gezamenlijke opgave van corporaties én gemeenten. Kort samengevat is die opgave: van meer naar beter. Dat moet het uitgangspunt zijn van onze keuzes.

2. Kies voor bebouwd gebied
Het is van belang om samenhang te brengen tussen de opgaven in de bestaande woningvoorraad en de ambities op het gebied van nieuwbouw. Kies daarbij voor bestaand bebouwd gebied en voeg kwaliteit toe.

3. Sorteer voor op veranderende behoefte aan sociale huurwoningen
De woningcorporaties garanderen dat er voldoende sociale huurwoningen zijn, ook na 2030. De vraag zal afnemen, op het platteland eerder dan in de steden. Daarom moeten we alleen bouwen wat ontbreekt en vernieuwen wat gedateerd is. Het is zaak om zo flexibel mogelijk te investeren en bijvoorbeeld ruimte te geven aan nieuwe woonconcepten op tijdelijke locaties.

4. Zoom in op particuliere eigenaren
De meeste woningen in de regio zijn in particuliere handen. De kwaliteit van die woningen is niet altijd op niveau. Ook niet omdat eigenaren geen mogelijkheden hebben om te investeren of dat niet meer zien zitten. De wijken worden daar niet beter van. De corporaties zien hier een rol voor gemeenten en provincies. 

5. Heb aandacht voor middeninkomens
Corporaties zijn er in de eerste plaats voor mensen die niet of onvoldoende in staat zijn te voorzien in hun huisvesting. Dat is een maatschappelijke taak. Voorkomen moet worden dat de middeninkomens (vanaf € 36.176, - per jaar) tussen wal en schip vallen omdat de markt dit segment in onze regio niet oppakt. 

6. Zorg voor de juiste kwaliteit
Het aantal kleine een- en tweepersoonshuishoudens groeit vanwege de vergrijzing en verdunning. De corporaties hebben voldoende ‘kleine woningen’, maar de vraag is of ze voldoende kwaliteit hebben en of de spreiding over de regio in orde is. Als gevolg van de vergrijzing ontstaat er meer behoefte aan nultreden-woningen. 

7. Vergeet de betaalbaarheid niet
Voor de betaalbaarheid van het wonen is onverminderd aandacht nodig. Daarbij moeten we ons niet beperken tot de huur- en woonlasten maar een link leggen met overeenstemmend armoedebeleid van de gemeente.

8. Werk samen voor bijzondere doelgroepen
De vraag naar begeleiding van huurders neemt toe. Denk aan statushouders die hun draai moeten vinden in de samenleving en bijvoorbeeld mensen met een verstandelijke of psychiatrische beperking en verwarde personen. Samenwerking tussen corporaties, gemeenten, GGZ, welzijnsinstellingen en andere partijen is noodzakelijk om deze bijzondere doelgroepen te helpen zelfstandig te wonen. 

9. Maak werk van duurzaamheid
De corporaties onderschrijven het klimaatakkoord van Parijs. De afgelopen jaren is veel aandacht besteed aan het duurzaam maken van bestaande huurwoningen. Daar moeten we actief in blijven investeren. Nieuwbouw is sowieso zo duurzaam mogelijk.

10. Kies voor een regionale aanpak met lokaal maatwerk
Regionale samenwerking en afstemming zijn van groot belang. Maar het beleid krijgt uiteindelijk vorm via lokaal maatwerk. Daarom vragen we de gemeenten om prestatieafspraken en kernvisies regionaal uit te werken en lokaal te verankeren. Samen met de corporaties en huurdersorganisaties. 

 

Tonny van der Ven, Allee Wonen

Con Mol, Woningstichting Woensdrecht

Peter Bevers, R & B Wonen

Maarten Sas, RWS Goes

Ton Ringersma, Stadlander

Ruud van den Boom Woonkwartier